Sharon Roest

L_000935
Sharon Roest (1969)

Locatie: de Paleisbrug

“Los van het feit dat ik hier heel lang heb gewoond, vind ik de allure van dit gebied en deze brug mooi, het geeft de stad voor mij een internationaal tintje, maar door onze kneuterigheid zijn we er dan toch niet trots op. Dan gaan we toch weer mopperen: ‘Ja, maar waar blijft de Bartenbrug?’ Alsof we er niet trots op mogen zijn. Ik word er soms wel eens moe van, dat het hier allemaal historisch moet blijven, terwijl deze brug, die is over honderd jaar ook historisch. Dat mogen we ons wel eens meer realiseren. Deze brug maakt de stad een stukje groter. Die verbindt een nieuw deel met de rest van de stad. Dat is toch mooi? We mogen met zijn allen wel iets meer durven. En dit is daar een geslaagd voorbeeld van voor mij. Dit is een gedurfd project en als ik hier overheen loop, dan denk ik ‘wauw’. Dit tilt de hele stad wel naar een hoger niveau voor mij, de hoofdstad van de provincie waardig.”

% feitelijke Bosschenaar: 100%
% Gevoels Bosschenaar: 100%

“Ik ben geboren op Zuid. Toen ik 1,5 was, zijn we verhuisd naar Noord. Daarna ben ik op mijn 21e op de Koningsweg terechtgekomen en daar heb ik tot voor kort gewoond. En nu ga ik met mijn gezin op Zuid wonen, dus je kunt bijna zeggen dat ik terug naar huis ga. Ik heb nooit ergens anders gewoond. Niet perse bewust, maar zo is het gewoon gegaan. Ik ben hier naar school gegaan, heb op de Mariënburg op school gezeten en ben hier ook gaan werken. Ik ben eventmanager en ik werk in bijna het hele land, maar ik heb bijna geen opdrachtgevers in Den Bosch, da’s dan wel weer grappig. Toevallig heb ik enige tijd geleden wel Restaurant BUURT mee getransformeerd en dat is eigenlijk de eerste keer dat ik in de stad werkte.
Ik voel me honderd procent Bosch, zonder ook maar een half procentje twijfel. Ik ben wel kritischer dan kritisch op de stad, maar ergens vind ik dan ‘dat mag ik, want ik ben Bosschenaar.’ Maar aan de andere kant vind ik dat ook zonde, dat ik dat ben, of dat ‘we’ dat zijn. Een goed voorbeeld daarvan voor mezelf is toen het Jeroen Bosch-jaar werd aangekondigd met flink veel bombarie. Een hoop toeters en bellen. En dat ik ook met mijn Bossche nuchterheid dacht ‘ja, dat zal wel. Den Bosch gaat zichzelf op de kaart zetten en wel eens even laten zien hoe het moet.’ Heel sceptisch. Maar het is ze verdomme wel gelukt. Dus ik moet mijn woorden gewoon terugnemen. Ik was net zo negatief als denk ik tachtig procent van de Bosschenaren. Maar alles leeft en alles ademt op dit moment. En da’s mooi. En dan ben ik wel trots dat het gelukt is.”

Wat is er mooi aan Den Bosch?
“Wat ik heel mooi vind is dat je op vrij kleine afstand van de stad meteen de rust kan vinden in de stad. Het pontje hier dichtbij vind ik heel mooi en dat je daarmee zo in het Bossche Broek bent. Daar kan ik wel echt heel blij van worden. Soms kom ik op zondagochtend vroeg in de stad en dan is het er helemaal stil en uitgestorven. Daar kan ik ook echt van genieten.”

En wat is er lelijk?
“Het Zuiderpark. Dat vind ik een gemiste kans. Het park is prachtig, maar de opzet is lelijk. Daar zijn zoveel mogelijkheden, dat kan echt een stadspark zijn en daar zie ik gemiste kansen. Je hebt er een hertenparkje, een rugbyveld – wie kan nou zeggen dat hij een rugbyveld in het centrum van zijn stad heeft? Dus het heeft heel veel mogelijkheden, maar benut dat park nou eens wat meer. Niet alleen in de zomer, maar zet daar nou eens een kioskje neer, zet daar bankjes neer, laat dat park tot leven komen.
De hoek van Koudijs ook. Ik hoop heel erg dat de ontwikkeling die daar is gestart wordt doorgezet, want dat heeft potentie. Maar als je nu via de Diezebrug de stad in komt en dan zie je daar het pand waar KwikFit in zit, tsja, dat is dan wel een entree van je stad. Dat vind ik zonde. Ik hoop dat dat over een aantal jaar echt verbeterd is.
En die put ook. Ik snap het niet. Er zullen legio mensen zijn die het wel mooi vinden. Nou ja, de put zelf is niet eens zo lelijk, maar de manier waarop die is ontstaan. Dat vind ik wel een typerend stukje Den Bosch waar ik een hekel aan heb. Die vriendjespolitiek. Die houding van ‘wij willen een put en dat regelen wij wel even. En die financiering, die komt wel.’ Dat is toch jammer.”

Wat heeft de stad jou te bieden?
“Een stukje veiligheid. Ik ben nog nooit bang geweest in de stad. Ik ken het hier. Dat is misschien ook wel de reden dat ik hier nooit weg ben gegaan. Terwijl ik ook weleens denk ‘de wereld is zo groot, waarom niet?’ Ik vind het ook een heel prettige stad, er is altijd wat te doen. De gemoedelijkheid. Je maakt gemakkelijk een praatje. Dat vind ik wel heel erg prettig. De mix van mensen, die elkaar op een of andere manier toch accepteren. Ook al mopperen we ook op elkaar. Maar er hangt hier een soort van lijmlaag die alles bij elkaar houdt. En als ik ooit toch nog wegga uit de stad en het elders dan niet zou lukken, dan kan ik altijd weer naar huis. En ‘naar huis’, dat is dan echt weer Den Bosch. Het klopt hier allemaal. Ik voel me hier thuis. En het dorpse dat ik soms vervloek, dat vind ik ook echt heel prettig; dat je door de stad fietst en altijd wel een keer ‘hallo’ zegt tegen een bekende.”

Wat heb jij de stad te bieden?
“Geen idee. Wat bied ik de stad? Nou, ik hoop dat ik op werkgebied in de toekomst iets meer ga kunnen bieden. Ik organiseer evenementen en hoewel de stad ontzettend leuke dingen doet, is er nog heel veel winst te halen daar. Met wat lossere, kleine, informele evenementen. Ik heb daar mijn ideeën over, die best wel kunnen passen bij Den Bosch. Ik zou dat ook wel willen. Om op die manier ook meer bij te dragen aan de stad. Een klein voorbeeldje: ze hebben dat foodfestival hier in het Paleiskwartier van buitenaf naar de stad gehaald. Superleuk, maar waarom moet iemand uit Utrecht dat hier neer komen zetten? Dat kan Den Bosch zelf. Met eigen ondernemers. Die geef je dan een mooi platform. Laat mensen daar dan eens kennis maken met leuke tentjes uit de stad, die je nog niet kende.”

Heb je een herinnering aan een bijzonder moment, of een bijzondere ontmoeting in de stad?
“Ik ben er heel trots op dat ik getrouwd ben in het Noordbrabants Museum. Door mijn schoonvader, die ambtenaar van de Burgerlijke stand was. Daardoor heeft dat museum in mijn eigen stad een extra waarde gekregen. Als ik daar dan langs fiets of wandel, dan koester ik een heel speciale herinnering aan die dag en gelegenheid.”

Is Den Bosch een man of een vrouw?
“Den Bosch is een vrouw met ballen. Dat omschrijft het wel het beste voor mij. De stad wordt vaak door haar bewoners neergesabeld, maar krabbelt altijd wel weer op. Dat vind ik wel vrouwelijk. Den Bosch tolereert de slechte en goede eigenschappen van haar inwoners, als ware zij de moeder. Ze is vergevingsgezind. Want de Bosschenaar is lang niet altijd zo lief. Maar zij vergeeft het ons wel weer.”