Laurenzo Limburg

L_001221
Laurenzo Limburg (1966)

Locatie: Taxandriaplein

“Ik ben beheerder van de Hobbel, de speluitleen op het plein hier. Hier organiseren we ook allerlei activiteiten voor de gebruikers van het plein. Ik doe dit al achttien jaar. Eerst was ik vrijwilliger, toen heb ik het als Melkertbaan gedaan, en na verloop van jaren is het mijn vaste werk geworden. Dit werk is het mooiste wat er is. Natuurlijk zou ik ergens anders wel meer kunnen verdienen, maar ja, zou ik het dan ook naar mijn zin hebben?”

% feitelijke Bosschenaar: 100%
% Gevoels Bosschenaar: 100%

“Ik ben geboren en getogen in deze wijk en ik woon er nu nog steeds. Ik ben 100% Muntelnaar. Ik vind Bosschenaren al vrij open, maar de mensen die hier in de wijk wonen zijn nog aardiger, vind ik. De mensen groeten elkaar gewoon en dat zie je niet in alle wijken. En hier op het plein ook, iedereen kent elkaar. Vroeger was er wel eens rotzooi op het plein, maar nu niet meer.
Ik heb het altijd leuk gehad als kind in de wijk. En er verandert wel wat natuurlijk; vroeger zaten de mensen zitten heel vaak buiten in de voortuin of op de stoep. Nu zitten er steeds meer in de eigen achtertuin, of ze werken iedere dag de hele dag en dan zie je ze niet.”

Wat is er mooi aan Den Bosch?
“De historie van de stad vind ik mooi, de gebouwen, de activiteiten die er nu met Jeroen Bosch 500 worden gehouden. Ik ben pas geleden met mijn werk bij Reinier van Arkel geweest. Daar hebben we allerlei dingen bezocht, de restanten van de opgravingen die te zien zijn in de Bethaniëstraat. Daar leer je dan weer nieuwe dingen over je eigen stad en dat vind ik interessant. En de geschiedenis van deze wijk, vind ik ook mooi. Daar heb ik ook een paar boeken van, die zijn uitgebracht door Boekhandel Heinen.”

Wat is er lelijk?
“Dat kan ik zo niet bedenken. Laat alles en iedereen in zijn eigen waarde. Dat gebeurt hier in de wijk ook wel.”

Wat heeft de stad jou te bieden?
“Den Bosch is gewoon een fijne plek om te wonen en te werken. Ik zou ook niet buiten de stad willen wonen. Hier ken je iedereen en als je hier zou weggaan, moet je alles weer opnieuw opbouwen en dan weet je ook nooit waar je terecht komt; wat voor mensen je dan ontmoet. Dus laat mij maar lekker hier.”

Wat heb jij de stad te bieden?
“Dat ik het hier in de gaten hou. Daarmee helpen we de buurt. Als ik hier niet ben of de Hobbel zou niet bestaan, dan krijg je weer verloedering op het plein. De kinderen spelen hier echt samen. Maakt niet uit allochtoon, autochtoon, rijk, arm, dat gaat gewoon samen hier. Ik ben er trouwens voor de kinderen en ik zie het bijna niet als mijn werk. Dat vind ik mooi, die kinderen een fijne plek geven en soms vooruit helpen, daarom blijf ik hier zo lang zitten.
Ik denk dat de mensen wel blij zijn met me. Dat merk je wel. Veel kinderen groeten me, ook als ik ze in de stad tegenkom als de Hobbel niet open is. Dat doen veel ouders trouwens ook in de supermarkt of zo. Dan groeten we elkaar of dan maken we even een praatje.

We hebben veel activiteiten hier op het plein, waar veel kinderen op af komen. Veel gratis activiteiten; knutselen, spellen, kinderfeesten en dergelijke. En de kindervakantieweek doen wij ook. Dat ging eerst via Divers, maar nu we geen aandachtswijk meer zijn, hebben wij dat overgenomen. En da’s mooi dat we dat bereikt hebben met z’n allen, want ik doe het natuurlijk niet alleen.”

Is Den Bosch een man of een vrouw?
“Allebei, neutraal. We moeten niet naar één kant, niet man of vrouw, maar het gewoon gelijk houden. Ik vind sowieso: iedereen is gelijk, waar je nou ook vandaan komt of waar je van houdt.”

Wat kan Den Bosch nog van een andere stad leren?
“De Hobbel is opgezet naar een idee in Rotterdam. Daar hebben ze havencontainers omgebouwd tot speluitleen. Daar ben ik toen ook een paar keer geweest om te zien hoe ze het daar doen. En eigenlijk moeten ze dat hier ook in meer wijken doen, vooral in wijken waar het moeilijk gaat. Zodat kinderen meer leren met elkaar te spelen.
Vaak hebben ze dan trouwens een beheerder die niet in de wijk zelf woont. Maar voor mij werkt het juist heel goed dat ik hier ook woon. Als er een keer iets gebeurt met een kind, dan loop ik naar de ouders en dan wordt het opgelost. Dan helpt het dat ze weten wie ik ben. Als je er steeds een vreemde op zet, dan lukt dat niet zo goed.”

Heb je een herinnering aan een bijzondere ontmoeting in/met de stad?
“We hebben een paar jaar geleden met alle vrijwilligers een keer een Meet & Greet gehad met de artiesten van het Levenslied-concert, dat op de Markt plaatsvond. Toen hebben we een hoop artiesten ontmoet in de kelder van Hotel Central. Dat was mooi. Kregen we er nog hapjes en drankjes bij. Dat had Bart Eigeman geregeld, die toen nog wethouder was. Die heeft hier ook een keer als vrijwilliger gewerkt op het plein. Dat was een goeie, jammer dat hij weg is. Maar we groeten elkaar nog steeds als we elkaar tegenkomen. Zo eentje krijgen we denk ik niet meer. Ook met de wijkfeesten hier, hij was overal voor in en hij deed altijd gewoon mee.”